donderdag, mei 24, 2012

Een illusie armer


Oh wat is het warm! En wat hebben we het gezellig! En wat zijn we te genieten vandaag in plaats van niet te genieten. Mijn oren gloeien en mijn wangen branden en de regen houdt zich in.

Vannacht droomde ik dat ik overvallen werd. In die droom werd ik klam en bezweet wakker en wilde opstaan om naar mijn werk te gaan, maar een enge man in mijn kamer hield me tegen. Hij was ’s nachts door mijn open raam naar binnen geklommen en kroop als een spin via de muur naar mijn hoofdkussen. Hij kuste me en zijn baard prikte en ik sloeg hem in zijn gezicht en toen rende ik naakt naar de badkamer en nam een verkoelende douche. Toen ik terugkwam at hij van mijn brood en dronk hij mijn sinaasappelsap en toen schold ik hem uit, recht in zijn gezicht. Hij staarde naar mij.

Buiten maakt de straat herrie. Klinkende rosé glazen en gloeiende barbecues met kolen die knetteren. Mijn matras zwemt in het zweet en de plantjes gaan dood van de warmte. Water doet de truc niet meer.

Mijn boek brengt me niet van de herinnering aan die droom die ik had. De man schold terug en baande zich een weg door mijn huis alsof het zijn huis was en hij lag met zijn gore voeten op mijn bank en keek met zijn ogen door mijn raam naar buiten. Hij at met mijn vork en luisterde mijn muziek en toen… moest ik overgeven, recht in zijn gezicht.

De zomer staat voor de deur dus ik schopte de man de deur uit om plaats te maken, maar hij bleef wachten op de stoep tot ik naar mijn werk ging. Toen ik terug kwam was hij er nog. Sneu figuur. Werkelijk.

zondag, mei 20, 2012

Gruwelijk


Godskolere, wat is het mooi buiten! Zag jij dat konijntje ook? Ik ruik het en ik zie het, en ik proef het. Mijn zintuigen staan op knappen. Vogels en de zeelucht en de lucht van verse friet en koud bier op het strand met mijn blote voeten in het zand. Met mijn kont in het zand en mijn korte broek.

Ook al is het koud, dat geeft toch niet want ik voel me goed daar aan die waterkant. Die waterkant van zee. Hij houdt niet op, hij houdt nergens op en ik zit daar helemaal niet mee. Want in gedachten kleed ik mij uit en ren poedelnaakt het water in en zwem ik en zwem ik en eet ik onderweg een Liga Evergreen en zwem ik verder tot ik in Timboektoe ben, of nee, doe mij maar India. Dan eet ik nog even een lekkere groentecurry voor ik mijn lange reis hervat.

Ik zwem langs apen en leeuwen en bomen waar een auto doorheen kan en als ik in de lucht kijk zie ik alleen maar blauw. En vliegers. En muggen.

Ik zet mijn voeten weer in het zand en voel de korrels tussen mijn tenen. De wind waait langs mijn arm en ik zie kippenvel. Kleine bobbeltjes op mijn huid waaruit mini-haartjes steken. Dan komt de zon weer door en verbrand ik levend. Vergeten in te smeren.

’s Avonds onder de douche word ik misselijk van de pijn en zak ik door mijn benen en scheur uit mijn strakke, vuurrode, glimmende huid. Buiten hoor ik de meeuwen lachen als ik mijzelf met tranende ogen probeer af te drogen maar eigenlijk niet droog wordt want het is meer dat ik mezelf aai dan afdroog. Zo duurt het nog wel even en O! Daar komt de zon weer door! Ik ga wel even buiten liggen om het water te laten verdampen.

Dus lig ik op mijn handdoek in de tuin weg te dromen van mijn reizen en mijn liefdes en lekker eten en voel ik niet dat een eend aan mijn benen knabbelt want mijn huid is zo verschrompeld van de zon dat ik geen zenuw in mijn lichaam meer voel. Ik rol me op en laat mijzelf weggaren in de hitte van de dag tot ik niets anders meer ben dan een klein bolletje droog en onvruchtbaar menshoopje op een gekleurde Hawaii-handdoek die in de fik vliegt op het moment dat mijn laatste plakje huid verdroogd.

dinsdag, mei 15, 2012

Ego

Afgelopen nachten heb ik volledige films gedroomd. Compleet met openingsscène, spanningsopbouw, climax en eindshots. Het script ligt er dus al, ik hoef dit enkel nog op te nemen en het grote publiek aan te smeren. Ik doe zelf wel de regie. En het camerawerk. En de visagie en de vormgeving.

Nadeel is dat ik in deze ‘films’ zelf de hoofdrol speel. En laat ik nu net niet de ambitie hebben om actrice te worden.

Ik zal op zoek moeten gaan naar vrouwen die mij kunnen spelen. Castings houden en met een hoogstaande jury kijken naar de auditanten die langskomen, die hun uiterste best doen maar in de verste verte, bij lange na, niet zo cool zijn als ik. Sommige hebben de lach maar niet de tieten. Anderen hebben de uitstraling maar zijn niet zo sympathiek en zorgzaam. Weer een ander heeft de mooie stem die ik ook bezit, maar heeft weer totaal geen gevoel voor humor. Over inlevingsvermogen zullen we het maar helemaal niet hebben. Dat is er bij geen van allen.

De zoektocht naar mijn dubbelganger zal hoogstwaarschijnlijk jaren duren en een groot deel van mijn kostbare tijd gaan opslokken, een evenbeeld is namelijk niet zomaar gevonden. Ik mag dan wel een opvallende persoonlijkheid hebben, een karakteristiek uiterlijk als Elvis Presley of Michael Jackson heb ik dan weer niet. Ik ben zo lekker gewoon gebleven. Dat is aan mij te prijzen.

Maar het is eenzaam. Het is eenzaam bovenop de berg. Ik verlaag mij liever een paar treetjes zodat ik kan meedoen, leven en lachen met de gewone mens.

Jullie kunnen op mij rekenen. Voor altijd.

zondag, mei 13, 2012

Gezwets

Korte termijn triomf is misschien wel fijn, maar op de lange termijn doet het weinig voor je. Een mens heeft baat bij succes op de lange termijn. Algehele tevredenheid en niet en moment supreme. Worst of kaas. Het gaat erom welke keuzes je maakt en of je überhaupt stil staat bij het feit wat het kiezen van worst, dan wel kaas, voor gevolgen heeft.

Ik kies graag bewust. Ik kies ook impulsief. Niet dat de keuze an sich een slechte keuze is, dat is, in deze context, geheel niet van belang, maar wat doet het met me in de jaren erna, of, in de dagen erna?

In werkelijkheid heb je geen flauw benul. Je kunt nog zo goed overdenken waarom je het een doet of het ander maar ach, één klein detail kan weer een totaal andere uitkomst bieden. De keuze voor worst is er een, maar het maakt pas echt verschil als de keuze nog gespecificeerd wordt door het kopen van bloedworst, snijworst, boterhamworst. Misschien wel rookworst in een recalcitrante bui.

Het een of het ander, dit of dat. Ditjes of datjes, koetjes of kalfjes, worst of kaas, ham en kaas. Vegetariër of rasechte vleeseter? Wit of bruin brood? Volkoren? Meergranen? Meerzaden? Meer vragen? Minder vragen? Afzeggen, opzeggen, aanhouden, aanlaten, uitmaken, uithalen of inzitten. Eruit halen wat erin zit of gewoon halen wat er te halen valt?

Niet te veel nadenken bij wat je doet, maar wel dusdanig dat je de consequenties overziet. Nuchter blijven maar serieus. Een balans vinden tussen doen en laten, warm of koud, worst of kaas.

Worst of kaas.

woensdag, mei 09, 2012

In je sas

Jaren later. Kilo’s verder. Ervaringen rijker. Meer ervaringen, minder vrienden, vrienden erbij, vrienden eraf. Haren geknipt, kleren gekocht. Kleren verkocht. Kleren te klein, kleren te groot. Maagdenvlies stuk.

Tranen met tuiten en drama verder. Jaren later, jaren verder. Jaren later is het anders en ben jij anders. Doen andere dingen jou wat en niet meer dingen van toen. Waar je, je toen nachtenlang om bekommerde, laat je nu koud. Een beetje koud want stiekem blijf je er altijd warm voor lopen, maar de tijd gaat door en tijden veranderen en ook dingen en ook jij.

Jij en ik en jij en een ander en wij en iedereen met wijn en bier. Of soms een cola want jij en ik en wij en iedereen worden verstandig. Doen verstandig of doen alsof verstandig. Doen ons best verstandig te zijn. Doen ons best volwassen te zijn en werken ons suf zodat wij niet meer kinds zijn maar man en vrouw.

Centjes op de plank en een meisje op de bank en iedereen wil een kind en heeft een eigen koelkast thuis, niet meer een om te delen of zo een vieze, zoals je altijd had, maar een schone, witte. Een witte koelkast met schone potjes met lekker eten en geen restjes van de vorige dag. Gewoon een vriezer met brood. Niet meer een droge korst.

Minuten en uren en dagen blijken te werken en komen en gaan. De minuten zijn zwaar maar achteraf zijn ze vergeten. Vergeten maar wel opgeslagen. Vergeten maar ook bedacht en overdacht en bestudeerd en geanalyseerd en bekeken van een afstandje en beluisterd en besproken.

Besproken en beluisterd en jaren later, kilo’s verder, maakt het eigenlijk geen ene reet meer uit.

zaterdag, april 07, 2012

Oost-indisch doof

Komt een kind bij de dokter: ‘Wil jij mij beter maken?’ Ja hoor, zegt het andere kind, ga maar liggen dan sla ik op je buik met de hamer. En ze spelen de hele middag zoet met een koffertje vol plastic meuk.

‘Ik wil jou nu ook beter maken’ roept een ander kind. Ja, maar nu ben ik niet meer ziek, denkt die andere. ‘Nu hoeft het niet meer want ik ben niet meer ziek’ zegt hij, en loopt weg. ‘Je mag mij wel beter maken!’ roept weer een andere, en gaat liggen op de bank.

T-shirtje omhoog, mond open, ook nog even kijken in de oren met dit blauwe ding, waar het ook voor is. ‘Waar heb je pijn?’ vraagt de ene aan de andere. ‘Ik heb buikpijn en ook hoofdpijn’ zegt de andere tegen de ene. ‘Je moet slapen’ antwoord het kind. En ze spelen de hele middag met een koffertje vol plastic meuk en ze lachen er ook om want, als je ziek bent wordt je weer beter. En beter zijn is goed. Maar soms komt de hoofdpijn weer terug en dan ga je niet naar school een dag. Of je krijgt van mama een lepel hoestdrank. Als je keel een beetje kietelt krijg je hoestdrank.

Ik kan de kleurplaten mooier kleur dan mijn zusje want mijn zusje is pas twee en zij kleurt niet, nee, zij krast. Ik ben ouder dan mijn zusje want mijn zusje is pas twee en ik ben de oudste thuis, als ik papa en mama niet meetel want die zijn de oudste thuis maar daarna kom ik want mijn zusje is pas twee en ik ben al bijna vijf. Ik teken de mooiste kleurplaten thuis want ik kleur binnen de lijntjes en mijn zusje niet want die krast want die kan dat nog niet want die is pas twee en ik al bijna vijf! Vijf, hoor je me? Juf! Juf? Juuuf? Ik ben al bijna vijf! Ik ben al bijna vijf, juf! Ik ben al bijna vijf! Ik ben al bijna vijf, juf! Ik ben al bijna vijf, hoor je dat? Hoor je mij? Hoor je mij? Hallo?! Ik ben al bijna vijf, want ik ben nu nog vier! Juf? 

dinsdag, april 03, 2012

Boterklontjeboterklontjeblotekontje

Frappant hoe dingen kunnen lopen. Frappant hoe dingen kunnen komen en gaan en veranderen zonder dat je het door hebt. Frappant hoe het leven verandert maar in zulke kleine stapjes dat het nauwelijks opvalt. Voor je het weet ben je weer jarig en voor je het weet lig je op sterven.

Frappant. Heel frappant.

Frappant hoe het weer verandert.  Hoe een seizoen verandert in de volgende en er weer twaalf maanden verstreken zijn. De zon komt op en gaat weer onder, het is zomertijd en dan weer wintertijd. ’s Ochtends donker en ’s avonds ook, totdat de temperatuur stijgt en de avond langer wordt en je weer een avond hebt. Frappant hoe je grijzer wordt en meer rimpels krijgt en je spiegelbeeld verandert van baby naar bejaard.

Frappant hoe je zin in dingen verandert en je voorkeur steeds verschillend is. Stemmingen wisselen en grappen zijn soms leuk en soms misplaatst en niemand weet wat de juiste timing is. Iets wordt pas iets waard zodra het waardering krijgt van de omgeving. Dan wel goed of slecht. Frappant dat je op zoek blijft naar waardering. Van anderen of van jezelf. Dan pas heeft het leven zin.

Frappant, hoor. Héél frappant.

Frappant dat één woord soms gecombineerd kan worden met zoveel verschillende andere woorden en er een daadwerkelijk filosofische en zwaarmoedige tekst uit voort komt, terwijl dit niet direct de intentie was. Frappant dat ik dan toch altijd wil eindigen met een komische noot.

Komp-tie-dan-hè: ‘Wie boter op zijn hoofd heeft, kan beter uit de zon blijven!’